Analyse

Het transferbeleid van Martin van Geel bij Feyenoord op rapport

In 2011 pikte Feyenoord Martin van Geel op bij Roda JC, waar hij uitstekend werk had verricht. Hij verving er Leo Beenhakker, en kreeg al snel twee belangrijke taken: het vinden van een nieuwe hoofdtrainer, nadat de selectie het vertrouwen in Mario Been had opgezegd, en de club financieel weer gezond maken. Beiden lukten alleraardigst met de aanstelling van Ronald Koeman destijds, en het stevig bezuinigen. Maar betreft een ander aspect krijgt Van Geel in Rotterdam al bijna sinds zijn aanstelling veel kritiek: het transferbeleid. 

De beleidsbepaler zou slechts sporadisch met échte versterkingen op de proppen komen, en lijkt (te) vaak niet buiten de eigen landsgrenzen te willen kijken voor nieuwe spelers. Maar snijden die twee kritiekpunten wel hout? Om die vraag te kunnen beantwoorden, nemen we de inkomende transfers van Feyenoord onder Martin van Geel eens onder de loep.

2011 

In 2011 deed de in Goirle geboren oud-middenvelder 4 permanente aankopen bij Feyenoord: Gill Swerts, Ronald Graafland, Guyon Fernandez en Miquel Nelom. Zij kwamen allen, ongetwijfeld met het oog op de taak te bezuinigen, transfervrij naar De Kuip. En dat is maar goed ook, want geen van hen slaagde erin een serieuze rol van betekenis te krijgen bij Feyenoord. Fernandez kwam nog wel tot 7 goals en 5 assists in 33 officiële wedstrijden voor de club, maar in 2013 vertrok hij desalniettemin via de achterdeur uit Zuid. 

In navolging van de vier aankopen trok ook een huurling naar De Kuip: John Guidetti. De Zweed bleek een schot in de roos. Met 20 goals in 23 duels groeide Driedetti uit tot een absolute publiekslieveling. Enkel dankzij Guidetti mag Van Geel aan een voldoende ruiken na zijn debuutjaar. Vier van de vijf spelers waren afkomstig van een Nederlandse club: alleen Guidetti werd uit een buitenlandse hoed getoverd. 

2012 

In zijn tweede jaar bij Feyenoord shopte Van Geel er met zijn directie flink op los. Tot tweemaal toe trok hij zelfs zijn – toch wat lege – portefeuille voor een speler. De meest succesvolle nieuweling viel echter in de categorie ‘transfervrij’: Daryl Janmaat werd opgepikt bij sc Heerenveen. Hij groeide bij Feyenoord uit tot volwaardig international, en leverde twee jaar later 7,5 miljoen euro op (Newcastle United). Ook op Lex Immers (vertrok voor 2 miljoen) en Mitchell te Vrede (400.000 euro) werden winsten gemaakt. 

Verder kan genoteerd worden dat 6 van de 9 aankopen al in Nederland speelden. Bovendien kwam Mathijsen weliswaar vanuit het buitenland, maar was hij in Nederland natuurlijk al een bekende naam. De andere 2 die vanuit het buitenland kwamen, Singh (uit Noorwegen) en Elabdellaoui (Manchester City), speelden ook nog eens niets klaar in De Kuip. 

2013

In het seizoen 2013/2014 sloten Feyenoord en Van Geel relatief weinig transferdeals. Op huurbasis kwam Samuel Armenteros terug naar de Eredivisie, maar dat werd geen al te groot succes. Opvallender was de komst van Graziano Pellè. De Italiaan had bij AZ aangetoond toch een vrij beperkte spits te zijn, maar net als Guidetti leefde hij tegen alle verwachtingen in toch helemaal op bij de club uit zuid. Hij kwam voor 3 miljoen euro, leverde er 5 meer op, maar veel belangrijker: hij stal de harten van Het Legioen en maakte 55 goals (!) in 66 optredens. Als er iemand een voltreffer is geweest van Van Geel, is het Pellè wel. 

In de winter en zomer van 2013 shopte Feyenoord weliswaar louter over de grens, maar alle drie de aankopen hadden wel al in Nederland gespeeld. Wederom niet erg creatief dus, en alleen in het geval van Pellè pakte het goed uit. 

2014

In 2013 betaalde Feyenoord voor het eerst onder Van Geel een grote transfersom. Pellè bleek iedere euro meer dan waard en dus, in combinatie met beterende financiële cijfers, besloot de club ook een jaar later stevig te betalen voor een speler. Bilal Basacikoglu kwam voor 3,5 miljoen euro over van sc Heerenveen: het werd een groot fiasco. De flankspeler wist nooit te overtuigen, en vertrok afgelopen zomer met de staart tussen de benen naar Turkije. Twee andere nieuwelingen, Jens Toornstra en vooral Karim el Ahmadi, bleken wél goede zetten. In 2014 haalde Van Geel wederom spelers uit meerdere landen, maar wel dikwijls spelers met reeds een historie in Nederland. Dat gold voor Luke Wilkshire, Karim el Ahmadi (beiden FC Twente) en Khalid Boulahrouz (AZ, RKC). 

2015 

De trend om steeds vaker (veel) geld uit te geven aan een speler, zette Van Geel in 2015 stevig door. De beste namen kwamen echter, niet voor het eerst onder zijn bewind, voor in de lijst met transfervrije aanwinsten. Dit geldt voor onder meer Jan-Arie van der Heijden, Eljero Elia en natuurlijk ook de terugkerende clubheld Dirk Kuyt. Zet hen maar eens af tegen bijvoorbeeld Marko Vejinovic, Simon Gustafson, Renato Tapia en Michiel Kramer, die bij elkaar opgeteld zeker 7,5 miljoen euro kostte. Geen van hen bleek een aanwinst voor Feyenoord. 

Erg creatief waren de aanwinsten van Van Geel andermaal niet. Er werd wel in het buitenland gewinkeld, maar toch vooral weer voor spelers die al bekend waren binnen de landsgrenzen. De enige écht onbekende naam, die van derde doelman Pär Hansson, is inmiddels al weer vergeten in de havenstad. 

*Colin Kazim-Richards werd in 2014 eerst gehuurd van Bursaspor, een jaar later werd hij definitief gekocht. 

2016 

Het kampioensjaar van Feyenoord. De basis van het kampioenselftal had Van Geel eigenlijk in de jaren ervoor, met bijvoorbeeld Eljero Elia, Dirk Kuyt en Karim el Ahmadi, al gelegd. Maar ook in de zomer van 2016 zelf deed de club drie aankopen: het bleken alle drie uitstekende moves te zijn geweest. Brad Jones speelde, tot ieders verbazing, Kenneth Vermeer onder de lat vandaan en groeide uit tot de beste doelman van het Eredivisieseizoen, Steven Berghuis werd gehuurd van Watford en was gelijk een smaakmaker, en Nicolai Jörgensen kwam over vanuit Kopenhagen: de Deen kroonde zich in zijn debuutseizoen direct tot clubtopscorer. Een 100% score op transfergebied voor Van Geel in 2016, dus. Verder mocht Jörgensen als derde onbekende, succesvolle nieuweling gehaald door Van Geel de boeken in. Opmerkelijk detail: dat lukte de directeur tot dusver enkel met spitsen. Guidetti en Pellè gingen Jörgensen voor. 

*Steven Berghuis werd in 2015 eerst gehuurd van Watford, een jaar later werd hij definitief gekocht.

2017

In een poging om de titel te prolongeren in de Eredivisie, smeet Van Geel in 2017 behoorlijk met zijn Champions League-miljoenen. Van vele uitgaven in dit jaar zal de beleidsbepaler echter behoorlijk spijt hebben. Zo bleken de miljoenen van Sofyan Amrabat en Jean-Paul Boëtius weggegooid geld, terwijl er achter de namen van Jerry St. Juste, Sam Larsson en Ridgeciano Haps nog vraagtekens staan – bij laatstgenoemde vooral door aanhoudend blessureleed -. Het permanent vastleggen van Berghuis is daarentegen wél de juiste beslissing geweest, net als het terughalen van icoon Robin van Persie. 

Verrassende of creatieve aanwinsten vielen er overigens weer niet te bespeuren. Vijf van de acht spelers waren al actief bij een Eredivisionist, terwijl de andere drie Nederlands zijn en al minuten in de vaderlandse Eredivisie achter hun naam hadden. Boëtius en Van Persie zelfs bij Feyenoord zelf, Diks bij Vitesse. 

2018 

En tot slot de aankopen van afgelopen zomer. Hoewel het nog een beetje koffiedik kijken is, lijkt Van Geel het te moeten gaan doen met een onvoldoende, of hooguit een nipte voldoende. Luis Sinisterra kreeg nog nauwelijks kansen van trainer Giovanni van Bronckhorst, Jordy Clasie lijkt slechts bij vlagen nog op de spelverdeler van ‘vroeger’ en het huwelijk tussen Feyenoord en Yassin Ayoub verloopt nog allerminst naar wens. De Marokkaan maakt weinig minuten, en haalde meermaals het nieuws met vervelende randzaken. Hoewel zijn kwaliteit buiten kijf staat, valt het nog maar te bezien of het een succes gaat worden met hem in Rotterdam.

Conclusies 

1. Van Geel zoekt het dicht bij huis 

Sinds 2011 mocht Martin van Geel 50 keer een nieuwe speler presenteren in De Kuip. 28 hiervan werden weggeplukt bij een Nederlandse club, 22 kwamen er dus over vanuit het buitenland. Wel moet daarbij ook de kanttekening gemaakt worden dat er 13 van die 22 spelers in het verleden al in Nederland hebben gespeeld, sommige zelfs al bij Feyenoord. De 9 spelers zonder een verleden in Nederland werden gehaald door Van Geel, waren Guidetti, Singh, Elabdellaoui, Wilkshire, Kazim-Richards, Hansson, Gustafson, Jörgensen en Sinisterra: enkel Guidetti en Jörgensen waren succesvol, achter de naam van Sinisterra staat nog een vraagteken. 

Het toont aan dat Van Geel er slechts sporadisch in slaagt om een écht nieuwe, succesvolle naam op te duiken. Waar Ajax en PSV bijvoorbeeld steeds vaker toeslaan in Zuid- en Midden-Amerika, shopt Feyenoord bij voorkeur in de Eredivisie. Dat terwijl het toch lang niet altijd goed afloopt met die spelers (Basacikoglu, Tapia, Vormer, Vejinovic et cetera). 

Afbeeldingsresultaat voor feyenoord

2. Hele nipte voldoende voor Van Geel 

Als we Steven Berghuis en Colin-Kazim Richards twee keer meenemen (zij werden eerst gehuurd, een jaar later gekocht) komen we op 50 inkomende transfers van Martin van Geel bij Feyenoord. Er zaten behoorlijk wat gigantische missers bij, met Harmeeth Singh, Bilal Basacikoglu, Renato Tapia, Marko Vejinovic en Sofyan Amrabat als grootste uitschieters – zij leveren allen een 3 als rapportcijfer op -. Daar tegenover staan verrassende topdeals van Van Geel, zoals Daryl Janmaat, Eljero Elia, Steven Berghuis, John Guidetti en Graziano Pellè. Saillant detail is dat enkel Berghuis een behoorlijke transfersom kostte; de anderen kwamen op huurbasis, transfervrij of voor een bescheiden bedrag. Het mislukken van andere dure jongens, zoals Vejinovic, Toornstra en Amrabat, toont aan dat een hoge transfersom bij Van Geel absoluut niet betekent dat de nieuweling ook daadwerkelijk een betere aanwinst zal zijn. 

Sterker nog: het is misschien wel waarom de TD erin slaagde om Feyenoord van de financiële afgrond af te helpen, met een kampioenschap als kers op de taart. Met een klein budget lijkt Van Geel wel op zijn best, want in de zomers van 2015 en 2017 gaf hij veel uit, maar boekte hij een relatief laag slagingspercentage. Als we van alle rapportcijfers een gemiddelde trekken, komen we uit op een 5,7. Een nipte voldoende dus, maar het is aan Feyenoord om te bepalen of het met een 5,7 nog wel door kan. Er zal immers zeker een 7 nodig zijn om het gat met PSV en Ajax enigszins te kunnen dichten.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *