Interview

Mitchell Piqué over Ajax, Zlatan en de wens van zijn overleden moeder

Mitchell Pique hing in 2013 zijn voetbalschoenen aan de wilgen. Hoewel zijn carrière uiteindelijk niet werd waar op werd gehoopt, heeft de hardwerkende linksback veel mooie momenten meegemaakt als speler van Ajax, FC Twente, HFC Haarlem, RBC, Top Oss, SC Cambuur, Excelsior, ADO Den Haag en Willem II.

Een aardig lijstje dus, maar toch hoeft Piqué niet lang na te denken als hem wordt gevraagd naar zijn mooiste periodes. “Die waren bij Twente en ADO. Bij Twente wonnen we onder Fred Rutten de beker en stond heel Enschede op zijn kop. Mensen langs de snelweg, en de huldiging was amazing.. Dat zal ik nooit vergeten.” In Den Haag had de mandekker eveneens wat te vieren. “Bij ADO waren we echt een hechte groep, en onder meer dankzij John van de brom haalden we Europees voetbal. Hij haalde het beste uit iedereen naar boven.”

Ook in ‘zijn’ Amsterdam genoot Piqué. In 1999 mocht hij debuteren, na het doorlopen van de jeugdopleiding van Ajax. “Het was een toptijd, waar iedereen het nu nog steeds over heeft; de ‘gouden lichting’. Ik ben de club daar nog steeds dankbaar voor. Ik ben in landen geweest waar ik nooit heen zou gaan als ik geen voetballer was geweest, overal in het buitenland gerespecteerd en op handen gedragen.. Zonde dat er maar weinig jongens het eerste hebben gehaald.”

‘Zonde dat er maar weinig jongens van de ‘gouden lichting’ het eerste van Ajax hebben gehaald’

Voor Piqué leek een doorbreek er op voorhand wel in te zitten, na een goed seizoen op huurbasis bij FC Twente in 2000. “Achteraf had ik gewoon bij Twente moeten blijven, dat raadde Fred Rutten (hoofdtrainer in Enschede destijds, red.) mij ook aan. Maar na een gesprek met Co Adriaanse kreeg ik hoop, want ik hoefde alleen met Tim de Cler te concurreren om de linksbackplaats. En omdat ik op de hele linker flank kon spelen, was linksbuiten ook nog een optie. Daar stond destijds alleen Wamberto. Op linkshalf stonden al Rafael van der Vaart en Witschge. Ik ging dus terug om te knokken voor mijn kans, maar Ajax haalde toen Maxwell en Mido..”

“Het grappige was dat Fred Rutten zei dat als ik terug zou gaan, ze andere spelers halen waarna ik bij Haarlem of Telstar terecht zou komen.. Ik werd ook nog eens aan Haarlem verhuurd nadat Adriaanse was ontslagen en Ronald Koeman het stokje overnam”, blikt Piqué, die er nog altijd van baalt, terug. “Ik voelde me wel belazerd, ja, maar ik knokte me terug en zat elke week bij de wedstrijdselectie. Op een gegeven moment was ik heerlijk bezig en bekroonde ik mijn invalbeurt tegen RKC met een goal, Co zei dat ik goed bezig was en dicht tegen een basisplaats aan zat. Maar kort erna werd hij ontslagen na de nederlaag tegen Kopenhagen..”

“Koeman kende me vervolgens niet en wilde vasthouden aan het oude concept, met gehaalde spelers als Mawell en Mido. Hij zei dat ik geduld moest hebben, maar dat had ik niet want ik wilde gewoon lekker voetballen en niet geld verdienen door op de bank te zitten. Misschien als ik ouder was had ik heerlijk achterover op de bank gezeten en geduld gehad, terwijl de centen maandelijks op mijn rekening werden gestort. Koeman neem ik niets kwalijk, ik had moeten vechten voor mijn plek zoals ik ook onder Co had gedaan. Maar dat leer je pas later, hè..”

Hoe dan ook speelde Piqué wel mooi met grote namen samen. “Klopt, ik heb genoten. Zlatan, Michael en Bryan Laudrup.. Die waren van een andere wereld, toen al!” Met de excentrieke Zweed kon hij goed opschieten. “Voor mij en meerdere jongens van ons team was hij gewoon ‘normaal’. Wij als Amsterdamse jongens waren wel wat gewend.”

‘Ik kon goed opschieten met Zlatan. Wij Amsterdammers waren al wel wat gewend’

Inmiddels is Piqué al twee jaar gestopt, maar stil zitten doet hij niet. “Ik wil al mijn diploma’s halen voor het trainersvak. Diploma TC III heb ik bij ADO gehaald onder Richard Knopper, en mijn TC II ga ik ook halen. Voorlopig ben ik jeugdtrainer van FC Almere B1 waar we net kampioen mee zijn geworden. Daar zwaait Chedrick Seedorf, broertje van Clarence, met de scepter als trainer coach.”

Als het aan Piqué ligt, horen we in de toekomst weer van hem als hij assistent-trainer bij ADO is. Zijn motivatie put hij uit twee dingen; het feit dat er maar weinig donkere trainers in de Eredivisie rondlopen, en de wens van zijn onlangs overleden moeder. “Ze vertelde me altijd dat ik al goed met kinderen kon omgaan en er een goede trainer in mij zit. Mijn moeder was enorm belangrijk voor mij, en doe ik dit ook zeker voor haar.” Wordt dus zeker vervolgd!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *